Opvangmodel Verzoekers Internationale Bescherming

In het opvangmodel voor verzoekers internationale bescherming (IB) is collectieve opvang de regel. Individuele opvang in lokale opvanginitiatieven (LOI) is ofwel het sluitstuk (de zgn.transitieopvang) ofwel de uitzondering. Dit opvangmodel moet leiden tot een efficiënt beheer van het opvangnetwerk en toelaten om meer in te zetten op de toewijzing van de meest aangepaste opvangplaats van bij het indienen van de verzoek IB.   

 Voor de LOI betekent het opvangmodel concreet dat zij zullen instaan voor:

◾ de transitie-opvang: de opvang van bewoners die al een positieve beslissing gekregen hebben (erkenning, subsidiaire bescherming, regularisatie ten gronde, enz. voor zover het een verblijfsrecht van meer dan 3 maanden betreft) met als doel dat zij binnen de 2 maanden (2 keer verlengbaar met telkens 1 maand) het LOI kunnen verlaten voor een eigen woning;
 hoge beschermingsgraad: de opvang van verzoekers IB die afkomstig zijn uit een land waarvoor er een hoge beschermingsgraad geldt (concreet 80% positieve beslissingen), die op een beslissing ten gronde van het CGVS wachten en die al minstens 2 maanden in een collectief opvangcentrum verblijven;
specifieke kwetsbare groepen: In principe worden deze verzoekers IB  aan de NGO's toegewezen die specifieke opvangplaatsen voorzien hebben waar extra en/of specifieke begeleiding geboden wordt maar ook de LOI kunnen een specifiek aanbod hebben.

Standpunt van de VVSG

Volgens de VVSG legt de transitie-opvang de moeilijke opdracht om de uitstroom te regelen helemaal bij de LOI. Een opdracht waarvan het succes niet alleen bepaald wordt door de inspanningen die het LOI en de bewoner leveren maar ook door heel wat externe factoren. Daarom heeft de VVSG er van bij de start op aangedrongen dat de uitstroomtermijn van 2 maanden verlengbaar moet zijn. De VVSG is voorzichtig tevreden dat de uitstroomtermijn van 2 maanden uiteindelijk toch verlengbaar is (2x met 1 maand en in uitzonderlijke gevallen nog langer). Of die termijn van maximaal 4 maanden volstaat om duurzame huisvesting te vinden, zal de praktijk uitwijzen. Duurzame huisvesting betekent dat bewoners niet onder tijdsdruk in een te dure woning terecht komen of in een woning in slechte staat of tijdelijk opgevangen worden door familie en vrienden waarna de zoektocht in nog lastigere omstandigheden verder gezet moet worden.

Volgens de VVSG staat de voorwaarde dat verzoekers IB met een hoge beschermingsgraad pas naar een LOI kunnen als ze al minstens 2 maanden in een collectief opvangcentrum opgevangen werden, haaks op de doelstelling om deze groep verzoekers IB versneld te integreren. Een andere bezorgdheid is dat er zo bijna geen verschil meer is tussen de transitie-opvang en de opvang hoge beschermingsgraad. Voor de OCMW’s is het nochtans ook belangrijk dat zij ook nog verzoekers IB in procedure gedurende een langere periode kunnen begeleiden en niet alleen voor de uitstroom van bewoners met een positieve beslissing moeten zorgen. Dat zijn ten slotte twee verschillende opdrachten. Volgens de VVSG moet de toewijzing na maximaal 4 weken gebeuren tenzij er duidelijke tegenindicaties zijn.

De VVSG pleit voor een evaluatie van het opvangmodel zodat er desgevallend bijgestuurd kan worden.